Niederländisch · Verb

moeten

müssen

● unregelmäßigverben · Set 1

Beispielsätze

Ik moet vanavond nog boodschappen doen.
Ich muss heute Abend noch einkaufen.
Vroeger moesten kinderen vaak hard werken.
Früher mussten Kinder oft hart arbeiten.
Hij zal morgen naar de dokter moeten gaan.
Er wird morgen zum Arzt gehen müssen.

Konjugation 5 Zeitformen · Gold ist unregelmäßig

PräsensPräteritumPerfekt
ikmoetmoestheb gemoeten
jijmoetmoesthebt gemoeten
hij / zijmoetmoestheeft gemoeten
wijmoetenmoestenhebben gemoeten
julliemoetenmoestenhebben gemoeten
zijmoetenmoestenhebben gemoeten
Partizip Perfekt gemoeten
Imperativ

Merk dir moeten für immer. ripiti bringt das Wort zurück, kurz bevor du es vergisst, mit diesen Sätzen dazu. Gratis, ohne Konto, funktioniert offline.

übe moeten in ripiti