Duits · bijvoeglijk naamwoord of bijwoord

allein

alleen (zonder anderen)

bijvoeglijk & bijwoorden · set 22

Voorbeeldzinnen

Ich wohne seit Jahren allein.
Ik woon al jaren alleen.
Er ist allein in den Urlaub gefahren.
Hij is alleen op vakantie gegaan.
Willst du wirklich allein nach Hause gehen?
Wil je echt alleen naar huis lopen?

Onthoud allein voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen allein in ripiti