Duits · bijvoeglijk naamwoord of bijwoord

ja

immers

bijvoeglijk & bijwoorden · set 13

Voorbeeldzinnen

Du weißt ja, dass ich früh aufstehen muss.
Je weet immers dat ik vroeg moet opstaan.
Das war ja eine tolle Überraschung gestern.
Dat was me ook een mooie verrassing gisteren.
Wir sind ja bald wieder zu Hause.
We zijn immers snel weer thuis.

Onthoud ja voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen ja in ripiti