Duits · bijvoeglijk naamwoord of bijwoord

lebendig

levendig

bijvoeglijk & bijwoorden · set 32

Voorbeeldzinnen

Die Stadt ist abends sehr lebendig.
De stad is 's avonds erg levendig.
Der Lehrer hat die Geschichte lebendig erzählt.
De leraar heeft het verhaal levendig verteld.
Der Fisch war noch lebendig.
De vis was nog levend.

Onthoud lebendig voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen lebendig in ripiti