Gestern habe ich eine halbe Stunde im Park gelesen.
Gisteren heb ik een half uur in het park gelezen.
Das Essen wird in einer halben Stunde fertig sein.
Het eten zal over een half uur klaar zijn.
Let op
Het lidwoord hoort erbij: die halbe Stunde. Zo leer je het geslacht meteen mee.
Onthoud die halbe Stunde voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.