Duits · naamwoord

das Öl

de olie

met lidwoordnaamwoorden · set 41

Voorbeeldzinnen

Das Öl in der Pfanne ist heiß.
De olie in de pan is heet.
Ich habe gestern das Öl gekauft.
Ik heb gisteren de olie gekocht.
Für den Salat brauchen wir ein gutes Öl.
Voor de salade hebben we een goede olie nodig.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: das Öl. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud das Öl voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen das Öl in ripiti