Duits · naamwoord

das Kind

het kind

met lidwoordnaamwoorden · set 1

Voorbeeldzinnen

Das Kind spielt gerade im Garten.
Het kind speelt nu in de tuin.
Als Kind habe ich viel gelesen.
Als kind heb ik veel gelezen.
Ihr Kind wird im Herbst eingeschult.
Hun kind gaat in het najaar naar school.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: das Kind. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud das Kind voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen das Kind in ripiti