Duits · naamwoord

das Recht

het recht

met lidwoordnaamwoorden · set 11

Voorbeeldzinnen

Jeder hat das Recht auf Bildung.
Iedereen heeft recht op onderwijs.
Du hast ein Recht auf Urlaub.
Je hebt recht op vakantie.
Die Bürger haben dieses Recht seit Jahren.
De burgers hebben dit recht al jaren.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: das Recht. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud das Recht voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen das Recht in ripiti