Duits · naamwoord

das Tor

het doelpunt

met lidwoordnaamwoorden · set 49

Voorbeeldzinnen

Der Stürmer schießt das Tor kurz vor der Pause.
De spits schiet het doelpunt vlak voor de rust.
Gestern haben wir drei Tore gesehen.
Gisteren hebben we drie doelpunten gezien.
Hoffentlich fällt bald das erste Tor.
Hopelijk valt er snel het eerste doelpunt.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: das Tor. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud das Tor voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen das Tor in ripiti