Duits · naamwoord

der Ball

de bal

met lidwoordnaamwoorden · set 79

Voorbeeldzinnen

Die Kinder spielen mit dem Ball im Garten.
De kinderen spelen met de bal in de tuin.
Er hat den Ball ins Tor geschossen.
Hij heeft de bal in het doel geschoten.
Der Ball wird bestimmt über den Zaun fliegen.
De bal zal vast over het hek vliegen.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: der Ball. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud der Ball voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen der Ball in ripiti