Duits · naamwoord

der Hals

de keel, de hals

met lidwoordnaamwoorden · set 58

Voorbeeldzinnen

Mein Hals tut sehr weh.
Mijn keel doet erg pijn.
Sie trug einen Schal um den Hals.
Ze droeg een sjaal om haar hals.
Der Hals ist heute ganz rau.
De keel is vandaag helemaal ruw.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: der Hals. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud der Hals voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen der Hals in ripiti