Voorbeeldzinnen
Der Lohn kommt am Ende des Monats.
Het loon komt aan het eind van de maand.
Er hat seinen Lohn gestern bekommen.
Hij heeft zijn loon gisteren gekregen.
Mit einem höheren Lohn könnte ich mehr sparen.
Met een hoger loon zou ik meer kunnen sparen.
Let op
Het lidwoord hoort erbij: der Lohn. Zo leer je het geslacht meteen mee.
Onthoud der Lohn voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.
oefen der Lohn in ripiti