Duits · naamwoord

der Mieter

de huurder

met lidwoordnaamwoorden · set 94

Voorbeeldzinnen

Der Mieter zahlt jeden Monat pünktlich.
De huurder betaalt elke maand op tijd.
Der Vermieter hat einen Mieter gefunden.
De verhuurder heeft een huurder gevonden.
Die Mieter dürfen im Hof nicht grillen.
De huurders mogen op de binnenplaats niet barbecueën.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: der Mieter. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud der Mieter voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen der Mieter in ripiti