Duits · naamwoord

der Nagel

de spijker

met lidwoordnaamwoorden · set 79

Voorbeeldzinnen

Ich brauche einen Nagel für das Bild.
Ik heb een spijker nodig voor de foto.
Er hat sich gestern an einem Nagel verletzt.
Hij heeft zich gisteren aan een spijker bezeerd.
Wir werden den Nagel in die Wand schlagen.
We zullen de spijker in de muur slaan.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: der Nagel. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud der Nagel voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen der Nagel in ripiti