Duits · naamwoord

der Polizist

de politieagent

met lidwoordnaamwoorden · set 87

Voorbeeldzinnen

Der Polizist regelt den Verkehr an der Kreuzung.
De politieagent regelt het verkeer op het kruispunt.
Ich habe den Polizisten nach dem Weg gefragt.
Ik heb de politieagent naar de weg gevraagd.
Ein Polizist muss immer ruhig bleiben.
Een politieagent moet altijd rustig blijven.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: der Polizist. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud der Polizist voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen der Polizist in ripiti