Duits · naamwoord

der Schlaf

de slaap

met lidwoordnaamwoorden · set 57

Voorbeeldzinnen

Ich brauche heute Nacht mehr Schlaf.
Ik heb vannacht meer slaap nodig.
Der Schlaf hat mir gutgetan.
De slaap heeft me goedgedaan.
Im Schlaf hat er laut gesprochen.
In zijn slaap sprak hij luid.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: der Schlaf. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud der Schlaf voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen der Schlaf in ripiti