Duits · naamwoord

der Streit

de ruzie

met lidwoordnaamwoorden · set 50

Voorbeeldzinnen

Die Nachbarn haben oft Streit wegen des Lärms.
De buren hebben vaak ruzie over de herrie.
Gestern hatten wir einen kleinen Streit.
Gisteren hadden we een kleine ruzie.
Ich will keinen Streit mit dir anfangen.
Ik wil geen ruzie met je beginnen.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: der Streit. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud der Streit voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen der Streit in ripiti