Duits · naamwoord

der Termin

de afspraak

met lidwoordnaamwoorden · set 48

Voorbeeldzinnen

Ich habe morgen einen Termin beim Arzt.
Ik heb morgen een afspraak bij de dokter.
Der Termin wurde gestern leider abgesagt.
De afspraak is gisteren helaas afgezegd.
Wir müssen bald einen neuen Termin finden.
We moeten snel een nieuwe afspraak vinden.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: der Termin. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud der Termin voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen der Termin in ripiti