Duits · naamwoord

die Klasse

de klas

met lidwoordnaamwoorden · set 20

Voorbeeldzinnen

Unsere Klasse fährt nächste Woche nach Hamburg.
Onze klas gaat volgende week naar Hamburg.
Ich war in der Klasse immer die Kleinste.
Ik was in de klas altijd de kleinste.
Die Lehrerin hat die Klasse gestern gelobt.
De lerares heeft de klas gisteren geprezen.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: die Klasse. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud die Klasse voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen die Klasse in ripiti