Duits · naamwoord

die Natur

de natuur

met lidwoordnaamwoorden · set 31

Voorbeeldzinnen

Ich gehe gern spazieren, weil ich die Natur liebe.
Ik ga graag wandelen, omdat ik de natuur lief heb.
Wir haben das Wochenende mitten in der Natur verbracht.
We hebben het weekend midden in de natuur doorgebracht.
Im Urlaub wollen wir mehr Zeit in der Natur verbringen.
In de vakantie willen we meer tijd in de natuur doorbrengen.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: die Natur. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud die Natur voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen die Natur in ripiti