Die Lehrerin hat die Schülerin nach vorne gerufen.
De lerares heeft de leerlinge naar voren geroepen.
Eine Schülerin muss heute früh nach Hause gehen.
Een leerlinge moet vandaag vroeg naar huis.
Let op
Het lidwoord hoort erbij: die Schülerin. Zo leer je het geslacht meteen mee.
Onthoud die Schülerin voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.