Duits · naamwoord

die Sendung

de uitzending, het programma (radio/tv-uitzending)

met lidwoordnaamwoorden · set 56

Voorbeeldzinnen

Die Sendung beginnt um zwanzig Uhr.
De uitzending begint om twintig uur.
Wir haben die Sendung gestern gesehen.
We hebben de uitzending gisteren gezien.
Diese Sendung wird jede Woche wiederholt.
Deze uitzending wordt elke week herhaald.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: die Sendung. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud die Sendung voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen die Sendung in ripiti