Duits · verbindingswoord

gleichzeitig

tegelijkertijd, tegelijk

verbindingswoorden · set 8

Voorbeeldzinnen

Man kann nicht gleichzeitig reden und zuhören.
Je kunt niet tegelijkertijd praten en luisteren.
Sie kamen gleichzeitig am Bahnhof an.
Ze kwamen tegelijkertijd aan op het station.
Wir werden das gleichzeitig machen müssen.
We zullen dat tegelijkertijd moeten doen.

Ook goed

dabeidaarbij

Op de kaart “tegelijkertijd” keurt ripiti ook dabei goed. Andersom niet: bij dabei is gleichzeitig geen goed antwoord.

Onthoud gleichzeitig voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen gleichzeitig in ripiti