Duits · werkwoord
anrufen
opbellen, bellen
werkwoorden · set 11
Voorbeeldzinnen
Ich will meine Mutter heute anrufen.
Ik wil mijn moeder vandaag bellen.
Er hat mich gestern Abend angerufen.
Hij heeft me gisteravond gebeld.
Ich hoffe, dass sie bald anruft.
Ik hoop dat ze snel belt.
Onthoud anrufen voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.
oefen anrufen in ripiti