Duits · werkwoord

anziehen

aantrekken

werkwoorden · set 24

Voorbeeldzinnen

Im Winter muss man eine Jacke anziehen.
In de winter moet je een jas aantrekken.
Sie hat ihre neuen Schuhe angezogen.
Zij heeft haar nieuwe schoenen aangetrokken.
Ich werde heute das blaue Kleid anziehen.
Ik ga vandaag de blauwe jurk aantrekken.

Onthoud anziehen voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen anziehen in ripiti