Duits · werkwoord

ausschlafen

uitslapen

werkwoorden · set 59

Voorbeeldzinnen

Am Sonntag möchte ich endlich ausschlafen.
Zondag wil ik eindelijk uitslapen.
Ich habe heute gut ausgeschlafen.
Ik heb vandaag goed uitgeslapen.
Im Urlaub werden wir jeden Tag ausschlafen.
In de vakantie zullen we elke dag uitslapen.

Onthoud ausschlafen voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen ausschlafen in ripiti