Voorbeeldzinnen
Er brät das Fleisch in der Pfanne.
Hij braadt het vlees in de pan.
Ich habe die Kartoffeln gestern gebraten.
Ik heb de aardappelen gisteren gebakken.
Du musst den Fisch nur kurz braten.
Je hoeft de vis maar kort te braden.
Onthoud braten voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.
oefen braten in ripiti