Duits · werkwoord

brechen

breken (een bot/lichaamsdeel)

werkwoorden · set 38

Voorbeeldzinnen

Vorsicht, sonst brichst du dir das Bein!
Pas op, anders breek je je been!
Er hat sich beim Skifahren den Arm gebrochen.
Hij heeft tijdens het skiën zijn arm gebroken.
Der Ast wird bald brechen.
De tak zal binnenkort breken.

Onthoud brechen voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen brechen in ripiti