Duits · werkwoord

drohen

dreigen

werkwoorden · set 44

Voorbeeldzinnen

Der Himmel ist dunkel und es droht Regen.
De lucht is donker en het dreigt te regenen.
Er drohte ihr mit einer Anzeige.
Hij dreigde haar met een aangifte.
Wenn nichts passiert, wird uns bald Gefahr drohen.
Als er niets gebeurt, zal ons binnenkort gevaar dreigen.

Onthoud drohen voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen drohen in ripiti