Duits · werkwoord

einrichten

inrichten (meubileren)

werkwoorden · set 38

Voorbeeldzinnen

Wir wollen unser Wohnzimmer gemütlich einrichten.
We willen onze woonkamer gezellig inrichten.
Sie hat die Wohnung sehr schön eingerichtet.
Ze heeft de woning heel mooi ingericht.
Er sagt, dass er morgen ein Konto einrichtet.
Hij zegt dat hij morgen een rekening aanmaakt.

Onthoud einrichten voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen einrichten in ripiti