Duits · werkwoord

glauben

geloven

regelmatigwerkwoorden · set 3

Voorbeeldzinnen

Ich glaube dir kein Wort.
Ik geloof je geen woord.
Wir haben ihm die Geschichte nie geglaubt.
Wij hebben hem het verhaal nooit geloofd.
Wirst du mir das wirklich glauben?
Zul je me dat echt geloven?

Vervoeging 5 tijden · goud is onregelmatig

tegenwoordige tijd (Präsens)voltooide tijd (Perfekt)gebiedende wijs (Imperativ)verleden tijd (Präteritum)
ichglaubehabe geglaubt—glaubte
duglaubsthast geglaubtglaubglaubtest
er / sie / esglaubthat geglaubt—glaubte
wirglaubenhaben geglaubt—glaubten
ihrglaubthabt geglaubtglaubtglaubtet
sie / Sieglaubenhaben geglaubtglauben Sieglaubten
voltooid deelwoord (Partizip II) geglaubt

Onthoud glauben voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen glauben in ripiti