Duits · werkwoord
klären
ophelderen
werkwoorden · set 40
Voorbeeldzinnen
Wir müssen zuerst die Frage klären.
We moeten eerst de vraag ophelderen.
Die Polizei hat den Fall schnell geklärt.
De politie heeft de zaak snel opgelost.
Sie klärt das Problem morgen mit dem Chef.
Ze regelt het probleem morgen met de baas.
Onthoud klären voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.
oefen klären in ripiti