Duits · werkwoord

laufen

lopen

werkwoorden · set 6

Voorbeeldzinnen

Er läuft jeden Morgen im Park.
Hij loopt elke ochtend in het park.
Wir sind gestern zehn Kilometer gelaufen.
Wij hebben gisteren tien kilometer gelopen.
Ich möchte nächstes Jahr einen Marathon laufen.
Ik wil volgend jaar een marathon lopen.

Onthoud laufen voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen laufen in ripiti