Duits · werkwoord

nehmen

nemen

● onregelmatigwerkwoorden · set 3

Voorbeeldzinnen

Ich nehme einen Kaffee mit Milch.
Ik neem een koffie met melk.
Er hat das letzte Stück Kuchen genommen.
Hij heeft het laatste stuk taart genomen.
Wir werden morgen den Zug nehmen.
Wij zullen morgen de trein nemen.

Vervoeging 5 tijden · goud is onregelmatig

tegenwoordige tijd (Präsens)voltooide tijd (Perfekt)gebiedende wijs (Imperativ)verleden tijd (Präteritum)
ichnehmehabe genommen—nahm
dunimmsthast genommennimmnahmst
er / sie / esnimmthat genommen—nahm
wirnehmenhaben genommen—nahmen
ihrnehmthabt genommennehmtnahmt
sie / Sienehmenhaben genommennehmen Sienahmen
voltooid deelwoord (Partizip II) genommen

Onthoud nehmen voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen nehmen in ripiti