Duits · werkwoord

sich gewöhnen an

wennen aan

wederkerendmet vast voorzetselwerkwoorden · set 53

Voorbeeldzinnen

Ich gewöhne mich an das Klima.
Ik wen aan het klimaat.
Er gewöhnte sich an den Lärm.
Hij wende aan het lawaai.
Wir gewöhnen uns an eine neue Stadt.
Wij wennen aan een nieuwe stad.

Let op

Het voorzetsel hoort bij het woord. Zonder is het antwoord in ripiti fout: sich gewöhnen an, niet sich gewöhnen.

Onthoud sich gewöhnen an voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen sich gewöhnen an in ripiti