Duits · werkwoord

sorgen für

zorgen voor (verzorgen)

met vast voorzetselwerkwoorden · set 48

Voorbeeldzinnen

Ich sorge für meine Eltern.
Ik zorg voor mijn ouders.
Sie sorgte für gute Stimmung.
Zij zorgde voor een goede sfeer.
Wer sorgt für die Getränke?
Wie zorgt voor de drankjes?

Let op

Het voorzetsel hoort bij het woord. Zonder is het antwoord in ripiti fout: sorgen für, niet sorgen.

Onthoud sorgen für voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen sorgen für in ripiti