Duits · werkwoord
umgehen
omgaan met
werkwoorden · set 54
Voorbeeldzinnen
Er kann gut mit Kindern umgehen.
Hij kan goed met kinderen omgaan.
Sie ist immer freundlich mit uns umgegangen.
Zij is altijd vriendelijk met ons omgegaan.
Wie gehst du mit so viel Stress um?
Hoe ga jij met zoveel stress om?
Onthoud umgehen voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.
oefen umgehen in ripiti