Voorbeeldzinnen
He studies hard; meanwhile, she works part-time.
Hij studeert hard; ondertussen werkt zij parttime.
She cooked dinner; meanwhile, he set the table.
Ze kookte het avondeten; ondertussen dekte hij de tafel.
I will call him; meanwhile, you wait here.
Ik zal hem bellen; wacht jij ondertussen hier.
Onthoud meanwhile voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.
oefen meanwhile in ripiti