Engels · bijvoeglijk naamwoord of bijwoord

together

samen

bijvoeglijk & bijwoorden · set 5

Voorbeeldzinnen

We often cook dinner together on Fridays.
We koken op vrijdag vaak samen.
They travelled together across Europe last summer.
Ze reisden vorige zomer samen door Europa.
We will work together on this project.
We zullen samen aan dit project werken.

Onthoud together voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen together in ripiti