Engels · naamwoord
home
het thuis, de woning
naamwoorden · set 4
Voorbeeldzinnen
She stays at home most days.
Ze blijft de meeste dagen thuis.
They moved to a new home last year.
Ze zijn vorig jaar naar een nieuwe woning verhuisd.
We will be home before dinner.
We zijn thuis voor het avondeten.
Onthoud home voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.
oefen home in ripiti