Engels · naamwoord

neighbour

de buurman, de buurvrouw

naamwoorden · set 40

Voorbeeldzinnen

Our neighbour waters our plants when we're away.
Onze buurman geeft onze planten water als we weg zijn.
She has helped her neighbour carry the shopping.
Ze heeft haar buurvrouw geholpen de boodschappen te dragen.
Our neighbour will look after the cat tonight.
Onze buurman past vanavond op de kat.

Onthoud neighbour voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen neighbour in ripiti