Engels · naamwoord

pair

het paar

naamwoorden · set 35

Voorbeeldzinnen

She is wearing a new pair of shoes today.
Ze draagt vandaag een nieuw paar schoenen.
He has bought a pair of gloves for winter.
Hij heeft een paar handschoenen voor de winter gekocht.
I will need a new pair of glasses.
Ik heb een nieuwe bril nodig.

Onthoud pair voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen pair in ripiti