Engels · naamwoord

trip

de reis, het uitstapje

naamwoorden · set 58

Voorbeeldzinnen

We plan a trip to the coast every summer.
We plannen elke zomer een reis naar de kust.
They took a trip to Scotland last year.
Ze maakten vorig jaar een reis naar Schotland.
We will go on a trip next month.
We gaan volgende maand op reis.

Ook goed

journeyde reis

Op de kaart “de reis” keurt ripiti ook journey goed.

Onthoud trip voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen trip in ripiti