Engels · werkwoord

to call

opbellen, bellen

regelmatigwerkwoorden · set 3

Voorbeeldzinnen

He calls his mother every Sunday.
Hij belt elke zondag zijn moeder.
She called the doctor this morning.
Ze belde vanochtend de dokter.
I will call you after the meeting.
Ik zal je bellen na de vergadering.

Vervoeging 4 tijden · goud is onregelmatig

onvoltooid tegenwoordige tijd (present simple)onvoltooid verleden tijd (past simple)
Icallcalled
youcallcalled
he / shecallscalled
wecallcalled
you (plural)callcalled
theycallcalled
voltooid deelwoord called
-ing-vorm calling

Onthoud to call voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen to call in ripiti