Engels · werkwoord

to go up

stijgen

met vast voorzetselwerkwoorden · set 56

Voorbeeldzinnen

Prices go up every winter.
Prijzen stijgen elke winter.
Rents have gone up this year.
Huren zijn dit jaar gestegen.
Costs will go up next month.
Kosten zullen volgende maand stijgen.

Let op

Het voorzetsel hoort bij het woord. Zonder is het antwoord in ripiti fout: to go up, niet to go.

Ook goed

to increasetoenemento risestijgen

Op de kaart “stijgen” keurt ripiti ook to increase goed. Op de kaart “stijgen” keurt ripiti ook to rise goed. Andersom niet: bij to increase is to go up geen goed antwoord.

Uitdrukkingen met to go up

Onthoud to go up voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen to go up in ripiti