Engels · werkwoord

to grow up

opgroeien

met vast voorzetselwerkwoorden · set 16

Voorbeeldzinnen

Children grow up so quickly these days.
Kinderen groeien tegenwoordig zo snel op.
She grew up in a small village.
Ze groeide op in een klein dorp.
He will grow up to be tall.
Hij zal opgroeien tot een lange man.

Let op

Het voorzetsel hoort bij het woord. Zonder is het antwoord in ripiti fout: to grow up, niet to grow.

Ook goed

to growgroeien

Op de kaart “opgroeien” keurt ripiti ook to grow goed.

Onthoud to grow up voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen to grow up in ripiti