Frans · naamwoord

l'œuf

het ei

met lidwoordnaamwoorden · set 41

Voorbeeldzinnen

Il mange un œuf chaque matin.
Hij eet elke ochtend een ei.
J'ai cassé un œuf sur le sol.
Ik heb een ei op de grond gebroken.
Nous ferons cuire l'œuf cinq minutes.
We laten het ei vijf minuten koken.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: l'œuf. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud l'œuf voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen l'œuf in ripiti