Frans · naamwoord

la facture

de factuur, de rekening (thuis)

met lidwoordnaamwoorden · set 63

Voorbeeldzinnen

J'ai reçu la facture d'électricité ce matin.
Ik heb vanmorgen de elektriciteitsfactuur ontvangen.
Il a payé la facture hier soir.
Hij heeft gisteravond de factuur betaald.
Nous demanderons une facture au restaurant.
We zullen in het restaurant om een factuur vragen.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: la facture. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud la facture voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen la facture in ripiti