Frans · naamwoord

la plage

het strand

met lidwoordnaamwoorden · set 19

Voorbeeldzinnen

Nous allons à la plage tous les étés.
We gaan elke zomer naar het strand.
Hier, les enfants ont joué sur la plage.
Gisteren hebben de kinderen op het strand gespeeld.
Demain, la plage sera pleine de monde.
Morgen zal het strand vol mensen zijn.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: la plage. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud la plage voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen la plage in ripiti