Frans · naamwoord

la ville

de stad

met lidwoordnaamwoorden · set 2

Voorbeeldzinnen

La ville est calme le dimanche.
De stad is rustig op zondag.
Nous avons visité la ville hier.
We hebben gisteren de stad bezocht.
Il habitera dans une grande ville.
Hij zal in een grote stad wonen.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: la ville. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud la ville voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen la ville in ripiti